Tubanters 1 en nacompetitie, veelal treurnis en onbegrip..

Tubanters 1 mocht zich ook dit seizoen weer melden voor de nacompetitie. De club en het “toetje” kennen niet echt een succesvolle geschiedenis. Geen kampioen, misschien toch promoveren? Of gelukkig degradatie ontlopen en een extra kans op handhaving. Het kan een gods-geschenk zijn, maar voor de Enschede formatie is het geen blauwe, maar zwarte geschiedenis. Wie herinnert zich nog het debacle in Ugchelen? Toen, met returnwedstrijden, werd en tweemaal 0-0 gespeeld en viel het doek voor Tubanters na strafschoppen en degradeerde het naar de 3e klasse. Of de promotiefinale in de 3e klasse voor promotie naar de 2e klasse. Over 2 finaleduels ging het ten onder tegen DSVD. En korter geleden, vorig seizoen…. In Balkbrug kreeg de Tubanters een rondleiding langs alle hoeken van het veld, 6-0 voor vv. Avereest.

Slechts eenmaal ging het goed. Strijdend tegen degradatie uit de zondag 4e klasse werd er strijdend gewonnen van Bentelo en later in Bentelo, werd Diepenheim verslagen in de finale. Het bleek een uitstel van executie, want een jaar later ging het alsnog mis. En er werd direct een overstap gemaakt naar zaterdag voetbal.

Wat is het toch met die competitie. Oke, vorig seizoen liep Tubanters de titel mis op de laatste speeldag, door eigen falen. Een klap en hiervan bleken de wonden nog lang niet geheeld te zijn in die nacompetitie middag in bij Avereest in Balkbrug. Het kon een excuus zijn.

Tubanters is nu een club in het steeds groter wordende zaterdagvoetbal, die hunkert naar promotie. Van onderuit heeft de club de wind in de zeilen en kennen we de jeugdafdeling weer zoals in de “good old days”. De vertegenwoordigende jeugdelftallen tikken weer het divisie voetbal aan, maar het vlaggenschip kan de lijn voorwaarts niet vinden. FC Aramea bleek een paar maatjes te groot, of laten we het zeggen, stabieler dan de Tubanters. Zelfs plek 2 verdween uit het zicht na knullig puntverlies tegen bijvoorbeeld Victoria ´28 en Emos. Dus nacompetitie werd al vroegtijdig een doel en er kon zich daarop instellen.

En dan is het zover. Het gekke is dat een een-na-hoogste periodekampioen een 4e klasse treft en een lage periodekampioen juist tegenover een andere periodekampioen van een 5e klasse staat. Maar ja, je kan ook zeggen, je speelt tegen een ploeg in slechte vorm. Een periodekampioen van een 5e klasse heeft de “winning spirit”. Tubanters trof dus de nummer 10, uit de 4e klasse. Evenals het jaar daarvoor. VV Marienberg kwam uit de bus en Tubanters mocht op bezoek bij de rood/zwarte brigade. Een ploeg dus, die strijd tegen degradatie.

En nu komt het moment van een uitgebreid wedstrijdverslag en worden alle kansen benoemt etcetera. Maar er valt weinig te vertellen vanuit Tubanters perspectief. Het bleek een duel te worden waarbij er gevochten werd voor die ultieme laatste kans. De vierde klasse blijkt het heilige doel! O ja, dit waren denk in de woorden die vielen bij de thuisploeg. Want de blauw/zwarten uit Enschede stonden tegenover een vechtende machine. Het waren de dorpelingen die strijdend ten tonele trokken, tegen de arrogante, verwende stadse jochies. We denken dat we de eerste 45 minuten misschien 3 maal over de middenlijn zijn komen wandelen, om vervolgens weer na balverlies achter de stormende aanvallers te huppelen. En ja, natuurlijk hebben we ook pech. Een arbitraal trio is geen reden tot succes. De leidsman kreeg denk ik geen kilometer vergoeding van de KNVB, maar werd uitbetaald per getrokken gele kaarten. Het bleek voor hem succesvol, want eindscore daarin was 8. En natuurlijk werd er een strafschop gegeven waarvan de sliding buiten de zestien werd gemaakt. En ja, aan de 3-0 ging een handsbal vooraf waar een menig volleybalspeler jaloers op was. En had Tubanters bij een 2-0 stand geen strafschop moeten hebben na een bijna identieke sliding van achteren bij de elfmeter van Marienberg?

Maar dit dwing je toch af, wordt er weleens gekscherend gezegd? Hoe? Door in ieder geval het veld op te komen en vechten voor een plek in de vierde klasse. Alles of niets. Een “over mijn lijk” mentaliteit. Vechtend voor elke meter. Het leek er niet op in de eerste 45 minuten. Er werd dan ook 3x gewisseld en er vielen nog wel harde woorden van de trainer. Maar het leed was al geschied. Even leek Tubanters nog terug te komen, door een geweldige invalbeurt van Jo19-1 speler José Sanchez Tapia. Hij bracht het vuur aan de zijkant, maar zag 2 grote kansen schitterend gepakt worden door de doelman en een ander met passie en strijd geblokt worden door een verdediger. Die gooiden zich voor elk schot als hun leven er vanaf hing. Tubanters zocht de aansluiting, maar een steekpass die onderschept werd met de hand, leidde een counter in en de rappe buitenspeler was weg. De andere positieve uitzondering kon zelfs deze racewagen niet bijhouden. Want als er 1 een voldoende kreeg, was het Jelmar Kock nog wel.

De score liep in de slotfase nog verder uit naar in totaal 5-0. Een verloren middag, wederom een verloren seizoen. Nog steeds blijft de vraag rondspoken in het hoofd. Waarom kan, of lijkt het tenminste zo, zich niet opladen voor zulke duels. Wordt er te makkelijk over gedacht? Is het onderschatting, of toch overschatting van jezelf? Vragen zullen wel onbeantwoord blijven.

Wat wel beantwoord is, is de vraag waar Tubanters speelt volgend seizoen. Het is wederom die gehate 5e klasse. Een bak aan ervaring komt terug op het oude nest en in combinatie met wat er al is en wat die nu echt eens geleerd hebben, wordt de strijd voor een kampioenschap maar weer aangegaan. Kampioenschap!!, want we kennen de geschiedenis van nacompetitie.

Laten we maar zeggen, 3e seizoen 5e klasse. Nu gaat het gebeuren. Drie keer scheepsrecht!
Tot volgend seizoen!

Delen op social media?: